Crypto & Blockchain

Je crypto-exchange meldt je saldo nu bij de fiscus

· 5 min leestijd

Je dacht misschien dat de Belastingdienst alleen weet wat je zelf invult. Dat verandert nu. Sinds 1 januari 2026 zijn crypto-aanbieders zoals Bitvavo en Coinmerce wettelijk verplicht om jouw saldo en transacties door te geven aan de fiscus. Niet omdat je iets fout doet, maar omdat Nederland de Europese DAC8-richtlijn heeft omgezet in nationale wetgeving. Wie nog dacht dat crypto een beetje buiten het zicht van de Belastingdienst bleef, kan die gedachte laten varen.

Wat DAC8 eigenlijk inhoudt

DAC8 staat voor de achtste versie van de Directive on Administrative Cooperation, de Europese richtlijn die lidstaten verplicht fiscale gegevens met elkaar uit te wisselen. In Nederland heet de uitwerking de Wet implementatie EU-richtlijn gegevensuitwisseling cryptoactiva. Het wetsvoorstel werd op 10 april 2026 gepubliceerd in het Staatsblad, maar de regels werken terug tot 1 januari 2026. Aanbieders van cryptodiensten houden dus al het hele jaar gegevens bij, ook al stond de wet pas in april zwart op wit.

Het bijzondere is dat dit niet alleen voor Nederlandse platforms geldt. Ook exchanges die in een ander EU-land zitten, moeten de gegevens van Nederlandse klanten aanleveren. Woon je in Nederland en handel je via een Duits of Frans platform, dan valt dat dus ook onder de meldplicht. Meer achtergrond over de aanleiding en reikwijdte staat op de site van de Belastingdienst zelf.

Welke gegevens gaan er precies naar de fiscus

Het gaat om meer dan alleen een eindsaldo op 31 december. Aanbieders moeten identificatiegegevens delen, zoals je naam en burgerservicenummer, plus gedetailleerde transactiedata: aankopen, verkopen, overboekingen tussen wallets en de waarde van je bezit op verschillende momenten. Ook of je een zelfbeheerde wallet gebruikt, wordt gemeld. Kortom, de Belastingdienst krijgt straks een veel completer beeld dan het bedrag dat jij zelf op 1 januari invult.

De eerste rapportage over 2026 moet uiterlijk 31 januari 2027 binnen zijn. Daarna wisselt de Belastingdienst die gegevens automatisch uit met andere EU-lidstaten, precies zoals nu al gebeurt met bankgegevens onder eerdere versies van dezelfde richtlijn. De Europese Commissie noemt dit een uitbreiding van het bestaande DAC-kader naar digitale activa.

DAC8 staat trouwens niet op zichzelf. De richtlijn loopt parallel aan MiCA, de Europese vergunningplicht voor cryptodienstverleners waar Bitvavo en Coinmerce ook al onder vallen. Wie via zo'n vergunninghouder handelt, wordt dus sowieso gemeld. Gebruik je vooral een zelfbeheerde wallet en handel je via een decentraal platform zonder tussenpersoon, dan ligt de meldplicht een stuk lastiger te handhaven. Dat is geen vrijbrief om niets aan te geven, want de aangifteplicht blijft gewoon gelden, maar het verklaart waarom de wetgever specifiek de grote, vergunde platforms als eerste doelwit heeft.

Wat verandert er voor jouw aangifte

De belastingplicht zelf verandert niet. Crypto viel al onder box 3 en dat blijft zo, in ieder geval tot de vermogensaanwasbelasting in 2028 ingaat. Wat wel verandert, is de informatiepositie van de fiscus. Wie box 3 al netjes invulde, merkt straks weinig meer dan een apart invulveld voor cryptobezit op het aangifteformulier, en misschien een vooraf ingevulde waarde als jouw exchange die al heeft doorgegeven.

Voor wie crypto kocht via een Nederlandse bank ligt dat net iets anders. Beleg je bijvoorbeeld via ING of via een broker die inmiddels aan een bank gelieerd is zoals ABN AMRO, dan lopen die gegevens straks langs dezelfde meldplicht als je spaarrekening. Het onderscheid tussen "gewoon bankieren" en "crypto beleggen" vervaagt daarmee steeds verder op het gebied van fiscale transparantie.

Wat als je crypto nooit hebt opgegeven

Dit is het deel waar de wet het meeste pijn doet. Wie zijn crypto nooit heeft aangegeven, kon tot nu toe redelijk op de anonimiteit van de blockchain vertrouwen. Vanaf 2027 legt de Belastingdienst de rapportages van aanbieders naast je eigen aangiftes uit eerdere jaren. Klopt dat niet, dan volgt een navordering, en bij opzet kan daar een boete bovenop komen.

Ook voor de aanbieders zelf is er een stok achter de deur. Platforms die willens en wetens niet melden, riskeren een boete uit de zesde categorie, tot ruim een miljoen euro. Dat is precies waarom Bitvavo, Coinmerce en andere AFM-vergunninghouders dit jaar volop bezig zijn met het inrichten van hun rapportagesystemen. De eenmalige kosten voor de sector worden geraamd op 20 tot 25 miljoen euro, met daarna een paar miljoen per jaar aan structurele lasten. Die rekening komt uiteindelijk ergens terecht, en dat is meestal niet bij de aandeelhouders van het platform.

Dit doe je nu het beste met je crypto-administratie

Heb je alles altijd netjes opgegeven, dan hoef je niets te doen behalve straks dat nieuwe invulveld invullen. Twijfel je of je historie klopt, dan is dit hét moment om je administratie op orde te brengen voordat de gegevens van je exchange bij de fiscus binnenkomen. Exporteer je transactiegeschiedenis bij elke exchange waar je een account had, ook oude accounts die je niet meer gebruikt, en reconstrueer per jaar wat je bezat op de peildatum van 1 januari. Vergelijk dat met wat je destijds hebt ingevuld in box 3.

Wie fouten uit het verleden zelf meldt voordat de Belastingdienst ernaar vraagt, staat doorgaans een stuk gunstiger dan wie wacht tot er een brief op de mat valt. Dat heet vrijwillig verbeteren en het scheelt vaak fors in de boete die er anders bovenop komt. Twijfel je over de omvang of complexiteit van je crypto-bezit, schakel dan op tijd een belastingadviseur in die bekend is met box 3 en digitale activa. De kosten daarvan wegen meestal niet op tegen wat een naheffing met boeterente je kan kosten.

S
Geschreven door Sander Kuijt Beleggen redacteur

Sander maakt beleggen begrijpelijk voor mensen die denken dat het alleen voor rijke mensen is. Na tien jaar in de financiële sector weet hij dat de meest succesvolle beleggers niet de slimste zijn maar de meest geduldige. Hij schrijft over ETF's, indexfondsen en vermogensopbouw in taal die je begrijpt zonder financieel woordenboek. Zijn eigen beleggingsstrategie is bewust saai: breed gespreid, lage kosten, en niet kijken als de markt daalt. Hij vindt dat iedereen met vijftig euro per maand kan beginnen.