Persoonlijke Financien

Dit doet Prinsjesdag met jouw portemonnee in 2027

· 5 min leestijd

Op 15 september las koning Willem-Alexander de troonrede voor en overhandigde minister Heinen de Miljoenennota aan de Tweede Kamer. Voor de meeste mensen was Prinsjesdag diezelfde avond alweer vergeten tussen alle andere nieuws door. Toch raken de plannen in het Belastingplan 2027 je portemonnee direct, met concrete bedragen die je vanaf januari terugziet op je loonstrook of in de brief van je zorgverzekeraar.

De gemiddelde koopkracht daalt volgend jaar met 0,1 procent, maar dat cijfer vertelt lang niet het hele verhaal. Achter dat ene getal schuilt een ruil tussen hogere en lagere inkomens, tussen werkenden en gepensioneerden, en tussen wat je erbij krijgt en wat je erbij inlevert. Hieronder de belangrijkste maatregelen, zonder Haagse vaktaal.

Je houdt iets meer arbeidskorting over

De arbeidskorting, de korting die je krijgt simpelweg omdat je werkt, stijgt met 173 euro per jaar. Dat is ruim 14 euro per maand extra in je portemonnee. Dat voordeel houd je volledig tot een inkomen van ongeveer 47.834 euro per jaar, daarboven bouwt de korting af. Verdien je meer, dan merk je dus minder van deze maatregel dan een collega met een modaal salaris.

Klinkt mooi, maar er zit een addertje onder het gras. Wil je weten hoe je nu al kunt zien of jouw netto salaris volgend jaar echt stijgt? Kijk naar je bruto jaarinkomen en tel de 173 euro erbij op, dan heb je een ruwe schatting voordat je werkgever in januari de nieuwe cijfers verwerkt.

De vrijheidsbijdrage is een verkapte lastenverzwaring

Om die hogere arbeidskorting te betalen, verzint het kabinet niets nieuws, het pakt het geld gewoon ergens anders vandaan. De belastingschijven en heffingskortingen worden voor 2027 maar voor de helft aan de inflatie aangepast. Die maatregel heeft een naam gekregen die vriendelijker klinkt dan hij is: de vrijheidsbijdrage. Ze levert de staat 1,5 miljard euro op, ongeveer evenveel als de hogere arbeidskorting kost.

Het effect merk je vooral als je salaris stijgt. Normaal schuiven de belastingschijven mee met de inflatie, zodat een loonsverhoging je niet automatisch in een hoger tarief duwt. Nu gebeurt dat maar half. Voor hogere inkomens komt daar nog iets bij: de grens waarboven je het hoogste tarief betaalt, stijgt in 2027 helemaal niet mee. Krijg je salarisverhoging, dan valt een groter deel daarvan sneller in de hoogste schijf.

Zorgpremie en eigen risico duwen terug

Wat je wint via de arbeidskorting, verlies je deels weer aan hogere vaste lasten. De zorgpremie stijgt naar verwachting met zo'n 12,50 euro per maand, dat lees je in november in de brief van je zorgverzekeraar. Ook de belasting op drinkwater gaat omhoog. Voor ouders met jonge kinderen komt er nog een tegenvaller bij: de combinatiekorting daalt met 153 euro en wordt de komende jaren in negen stappen verder afgebouwd.

Niet alles is somber nieuws overigens. Een aantal geplande bezuinigingen is juist geschrapt, zo is een grote korting op de AOW definitief van tafel gehaald en wordt de AOW-leeftijd niet meer automatisch één-op-één aan de levensverwachting gekoppeld. Het kabinet schuift dus met geld, maar niet alles gaat de verkeerde kant op.

Wie wint en wie verliest

Volgens de koopkrachtcijfers die uitlekten voor Prinsjesdag, gaan AOW'ers met een aanvullend pensioen er gemiddeld 0,3 procent op vooruit, en AOW'ers die alleen AOW ontvangen zelfs tot 0,5 procent. Mensen met een laag inkomen gaan er ongeveer 0,4 procent op vooruit. Middeninkomens en hogere inkomens leveren juist iets in, zij merken het felst van de half geïndexeerde belastingschijven.

Werk je met een hoog inkomen en bouw je pensioen op, dan is er nog een detail dat weinig aandacht kreeg: het kabinet wil de inkomensgrens waarover je fiscaal voordelig pensioen opbouwt, tot en met 2032 bevriezen op 137.800 euro. Stijgt je salaris de komende jaren, dan loop je dus eerder tegen die grens aan dan nu het geval is.

Box 3 blijft een open zenuw

Wie spaart of belegt, wacht nog steeds op duidelijkheid. In de Prinsjesdagstukken staat dat het kabinet nog geen oplossing heeft voor het Box 3-probleem en daar binnen een half jaar mee moet komen. Tot die tijd blijft het bestaande systeem voor spaarders en kleine beleggers gewoon van kracht, inclusief de mogelijkheid om tegenbewijs te leveren als je werkelijke rendement lager ligt dan het forfaitaire rendement. Voor de definitieve hervorming, gericht op het belasten van echt rendement in plaats van een fictief percentage, moet je nog tot 2028 wachten.

Het past in een breder beeld: uit eerder onderzoek bleek al dat Nederlanders somberder zijn over hun financiële toekomst dan in veertig jaar, en een half opgelost Box 3-dossier helpt daar niet bij.

Dit is wat je er praktisch mee doet

Ga niet zomaar af op het gemiddelde koopkrachtcijfer van min 0,1 procent, dat zegt weinig over jouw persoonlijke situatie. Check in januari je eerste loonstrook van 2027 en vergelijk die met december, zo zie je zwart op wit wat de hogere arbeidskorting en de half geïndexeerde schijven samen opleveren. Verdien je rond de 47.834 euro of heb je jonge kinderen, dan wijkt jouw uitkomst waarschijnlijk af van het landelijke gemiddelde. En hou de definitieve besluitvorming in de Tweede en Eerste Kamer in de gaten, want de plannen van Prinsjesdag zijn nog geen wet.

R
Geschreven door Renske van Dam Finance schrijver

Renske combineert besparen met investeren in een aanpak die past bij gewone mensen met gewone salarissen. Ze is financieel planner van beroep en schrijft uit frustratie dat de meeste financiële content gericht is op mensen die al geld hebben. Haar artikelen helpen je om van nul naar financieel stabiel te komen, stap voor stap en zonder onrealistische verwachtingen. Ze vindt dat financiële vrijheid niet betekent dat je miljonair wordt, maar dat je niet meer wakker ligt van rekeningen.